inleiding

In 1096 werd bewust en uitdrukkelijk bepaald dat de voormalige Karolingische villa “Braglo”, al in de 9de eeuw vermeld, niet langer “Braglo” maar “Braglo Superior”, d.i. Opbrakel, wenste te heten. Twee jaar later, in 1098, kwam de hele “altare” van “Braglo Superior” in het bezit van de abdij van Ename. Dit laatste feit is de ultieme aanleiding geweest voor de uitgave van dit gedenkboek en de organisatie van grootse feesten (900 jaarOpbrakel – 1998 -).

De toch wel monumentale uitgave – 348 bladzijden groot formaat – was, bij publicatie, de eerste geschiedkundige publicatie na die van Theo Brakels. Niet alleen in het eerste, maar ook in het tweede deel staan verscheidene historische bijdragen en studies van degelijk wetenschappelijk gehalte.

 

 

 

 

 

 

 

 

Gedenkboek Opbrakel 900 is een uitgave van de vzw Opbrakel 900 in samenwerking met de Culturele Raad van Brakel.
Holenbroek 11, B9660 Brakel
+ 32 (0)55 42 21 63

Skype : + 32 (0)55 42 21 63
Dit boek kwam tot stand als onderdeel van het feestjaar 900 jaar Opbrakel.

 

inhoud

Marc Velghe en Kurt Braeckman geven in “Van prehistorische jagers tot Romeinse veroveraars, de oudste geschiedenis van Opbrakel” op basis van archeologische vondsten een beknopt overzicht van prehistorische menselijke aanwezigheid en volgen daarna in detail het tracé van de Romeinse weg die dwars door Opbrakel loopt.

Lucie Verachten brengt een kritische bijdrage over “De heilige Lietbertus, bisschop van Kamerijk”, die in de 11de eeuw leefde en zijn wieg zou gehad hebben in Brakel: Blijkbaar kan zijn loopbaan niet losgekoppeld worden van de talrijke politieke intriges van onze gewesten. Deze figuur was de leidraad van de onvergetelijke “Evocatie”.

Geert Dedier brengt twee bijdragen: in de eerste “Het begin van Opbrakel” schetst hij het belang van de data 1096 en 1098 voor Opbrakel en daarna gaat hij in op de godsdiensttroebelen die onze streek teisterden in de eerste helft van de 16de eeuw. In een tweede bijdrage “In de 18de eeuw” bespreekt hij de Oostenrijkse periode en de Franse overheersing.

In “Opbrakel in 1650-1660; Momentopname van een Vlaams dorp in het Ancien Régime” maakt Sylvain De Lange een wandeling door het Opbrakel van midden 17de eeuw: Steunend op een gedetailleerd kaartboek en bijhorende land- en tafelboeken komt niet alleen het toenmalige landschap met het wegennet, de landerijen en de behuizing aan bod, maar ook de verhouding van kleine en grote boerderijen, van eigendom en pacht. In een aanvullende lijst ten slotte worden alle huizen uit de periode 1650-1660 nauwkeurig op het actuele stratenplan gesitueerd, zodat de huidige inwoners van Opbrakel er kunnen aflezen of hun woonplaats ruim 300 jaar geleden ook reeds bewoond was. Deze situatie wordt samengevat op een grote bijgesloten kaart.

Wolfskerke (een bijdrage van Sylvain De Lange) wordt onder de loep genomen in twee uitvoerige studies. De abdij van Ename bezat immers niet alleen het “altare” met de helft van de behorende tienden van de parochie, ze verwierf in de Middeleeuwen ook de heerlijkheid Wolfskerke. In deze heerlijkheid, ongeveer 62 ha groot, oefende de abt alle feodale rechten uit over de cijnsboeren en helftwinningspachters. De rol van de adellijke families van Brakel en de Hembyse is er blijkbaar groot geweest. De tweede studie eveneens van Sylvain De Lange behandelt daarna specifiek het monumentale pachthof te Wolfskerke. Dank zij de uitvoerige archieven kan ook hier de geschiedenis van dit hof gereconstrueerd worden vanaf het begin van de 15de eeuw. Opmerkelijk is o.a. het feit dat de abdij aanvankelijk geen eigen uitbatingcentrum had. Daarna volgt de ingewikkelde geschiedenis van twee pachthoeven tot dat vanaf 1663 één hof overblijft. Een gedetailleerd lastenboek van de bouw van een nieuw hof in 1755 leert allerlei interessante details over de constructie van de “nieuwe hoeve”. Tot verrassing van de huidige eigenares zijn deze gebouwen vrijwel intact bewaard gebleven. Het hilarische verhaal van het zgn. “Château Mulle” dat nu het mooie landschap in deze uithoek van Opbrakel beheerst, ontbreekt evenmin.

Luc Van Durme verklaart daarna in de “toponymie van Opbrakel” de betekenis van 614 plaatsnamen, oude en jonge, waarvan de meeste bovendien heel nauwkeurig op grote uitvouwbare kaarten gesitueerd worden.

De laatste studie van het eerste deel is strikt aardrijkskundig: N. Van de Putten en C. Verbruggen ontleden er het plaatselijk reliëf in een bijdrage die de neerslag is van een uiterst degelijke licentiaatsverhandeling. Het eerste deel van “Opbrakel 900” wordt afgesloten met een volledige bibliografie van de gemeente.

Deel twee van het gedenkboek laat Opbrakel de revue passeren vanaf 1830. Het jaarlijkse “jaarverslag” (geraadpleegd in de archieven) van het schepencollege aan de gemeenteraad vanaf 1827 tot 1969 levert Eric Van Cauwenberge stof voor honderden persoonsnamen en een massa locale feitjes. Komen aan bod: de samenstelling van de gemeenteraad, de burgemeesters, de gemeentesecretarissen, de gemeenteontvangers, de gemeenteraadsleden, de schoolhoofden, de loop van de bevolking, het aantal leerlingen in de gemeenteschool, economische gegevens enz.

Geen gedenkboek of de twee wereldoorlogen krijgen een ereplaats toebedeeld. Marc Velghe beschrijft in een spetterende plastische stijl allerlei feiten, anekdoten en toestanden uit “beide oorlogen”; het wel en het wee van de Opbrakelaars komt er opnieuw tot leven.

Uiteraard mogen de “plaatselijke bonden en verenigingen” niet vergeten worden: 29 Bonden zijn present met vlag en wimpel en merkwaardige gebeurtenissen en zeker niet te vergeten met foto(s). Van elke bond is de volledige geschiedenis tot heden beschreven in de mate dat geschreven en mondelinge bronnen voorhanden waren. Eric Van Cauwenberge gelaste zich hiermee.

De bijdrage over de kerk en over de congregatie van de Zusters van Sint-Franciscus van Assisi, telkens van de hand van Eric Van Cauwenberge, konden niet ontbreken. De tekst over de opbouw en het uitzicht van de kerk en de rijke geschiedenis ervan is gebaseerd op een studie van Lieven De Moor die verscheen enkele tientallen jaren geleden. Op het einde van deze bijdrage is een lijst van pastoors en onderpastoors toegevoegd. De geschiedenis van de zusterorde is ontegensprekelijk verbonden met die van Opbrakel. Zo speelde de congregatie een belangrijke rol in het lokale onderwijs, reeds 125 jaar, en de lokale gezondheidszorg via de verdwenen “kliniek”, intussen omgebouwd tot het rust- en verzorgingstehuis Sint Franciscus.

André Van Damme leidt het boek in met een poëtische ontboezeming over dit mooie dorp.
Marcel D’Haeze bespreekt mooie toneelherinneringen die hij beleefde, samen met diverse familieleden.

Het boek bevat tevens twee unieke bijdragen over een “brief van een Fransman naar zijn familie” en een “brief van een soldaat uit de Eerste Wereldoorlog naar zijn moeder en broer” – de soldaat sneuvelde -.

“Opbrakel 900”, een schitterende prestatie, gecoördineerd door Jon Goubin, met voor elk wat wils! Frank Dendauw archiveerde het uitgebreide fotomateriaal.

Dit boek omvat 348 bladzijden geïllustreerd met honderden foto’s, waarvan sommige in kleur (deze over de vieringen 900 jaar Opbrakel). Het wordt geleverd samen met 4 grote uitneembare overzichtskaarten. Kostprijs: 28 Euro.

fragmenten

Een lijvig boek als het gedenkboek voorstellen is niet eenvoudig. Daarom een aantal fragmenten uit alle bijdragen. Sommige fragmenten zijn geïllustreerd met foto’s. Een fragment is enkel een kennismaking met de bijzonder rijke inhoud van het boek.

…veel leesgenot!

fragment 1

Opbrakel.
Door André Van Damme.

{Aan de vlerkjes van je toren, bij het gonzend kleppend zacht, bij de schemer van de tonen, van het dorpje dat nog lacht,}… {Ratelend, kantelend spelend langs de beemden, vloeit het ebben van je stem, Zwalm, hierbij het oeverlint ontloken,…}

Citaat pag. 5

fragment 2

Van Prehistorische jagers tot Romeinse veroveraars, de oudste geschiedenis van Opbrakel.
Door Marc Velghe en Kurt Braeckman.

{Een Romeinse weg te Opbrakel: Eén van de weinige zichtbare resten die ons vanuit de Romeinse tijd overgeleverd is in de regio Brakel is een Romeinse weg, in bredere kringen beter gekend als “Chaussée Brunehaut”. Het betreft hier een weg die het Noord-Franse Bavay verbond met het Zuid-Oost-Vlaamse Velzeke. Een vermelding van deze weg vinden we bij de kroniekschrijver Sanderus in zijn werk uit 1735: “Dat deeze Stad ten tyde der Romeinen gebloeid heeft, en vermaard is geweest, blykt, om dat er een Weg is voor het Krygsvolk, die van Bavay af door de volgende plaatzen, derwaarts heeft gelopen, te weeten, door St.Anne, Andrignies, Hensy, Grand-Eglise, Overbrakel, Velsikke, Eessegem, en van daar na Gendt”}…

vuistbijl

{Maar naast deze weg hebben de Romeinen nog sporen nagelaten in onze regio en ook in Opbrakel. Bij systematische terreinprospectie van de Archeologische Werkgroep Zuid-Oost-Vlaanderen (M. Velghe, H. Van Damme en M. Rogge) werden op diverse Opbrakelse akkers Romeinse resten ingezameld.}

Citaten pag. 23 en pag. 24

 

fragment 3

De heilige Lietbertus, bisschop van Kamerijk.
Door Lucie Verachten.

Lietbertus{Heilige Lietbertus van Brakel: Het verhaal van Lietbertus van Brakel begint bij een korte passage in de Gesta Lietberti Episcopi namelijk ” Lietbertus, qui ex Brachatensi patria, nobili ortus prosapia”. De Heilige Lietbertus werd geboren uit een adellijk geslacht en is afkomstig uit “Brachatensi patria”. Het hele probleem concentreert zich rond de vertaling en de lokalisatie van “Brachatensi patria” of “Brachatum”. In de eerste uitgave reeds van de gesta in 1615 heeft Colvenier problemen met de verklaring. Hij baseert zich op de 16de-eeuwse historici Jacobus Baliolanus Meyerus en Christianus Massaeus, die stellen dat het bedoelde gebied tot Vlaanderen behoort en dat met Bracha(n)tum het gebied over de Schelde bedoeld wordt tot aan de Dender, wat dan het Land van Aalst genoemd wordt. De oorsprong van die naam zou teruggaan op Brakel of met andere woorden de heren van Brachatum vinden hun oorsprong als heren van Brakel.}…
{Etymologische verklaringen kunnen geen sluitend antwoord geven op de vraag waar Lietbertus geboren is.}…

 

{We kunnen ons wel deHeren Hof maquettevraag stellen of het mogelijk is dat een Brakelaar of een heer van Brakel, bisschop van Kamerijk werd. Kamerijk (Cambrai) ressorteert nu onder Frankrijk maar het ligt slechts op 100 kilometer van Brakel en in de 11de eeuw behoorde Brakel en omstreken tot het diocees Kamerijk.

Citaten pag. 28 en pag. 29

 

 

 

fragment 4

Het begin van Opbrakel.
Door Geert Dedier.

{1096: In 1096 duikt de naam Opbrakel voor het eerst op in een document. (Piot, Cartulaire de l’abbaye d’Eename, Brugge, 1881, n° 7 “dimidietatem altaris sancti Martini, quod es in villa que Superior Bracla nemen accepit”). Het gaat om een akte, naar het gebruik van die tijd in het Latijn opgesteld, waarbij de bisschop van Kamerijk, Walcher, de helft van het “altaar”, d.w.z. het patronaatsrecht, van de St.-Martinuskerk van Opbrakel schenkt aan de abdij van Ename}…
{In 1098 wordt die akte gevolgd door een andere, waarbij de nieuwe bisschop van Kamerijk, Manasses, het volledige patronaatsrecht aan de abdij van Ename schenkt, eveneens tegen betaling van 12 deniers te betalen op het feest van de heilige Lucas. Is die tweede akte een bevestiging en aanvulling van die van 1096 of steekt hier iets meer achter?}…
{Hoe kunnen we beide documenten van 1096 en 1098 nu interpreteren gezien in het licht van wat voorafgaat? Zijn beide akten wel authentiek of is één van de documenten een vervalsing om wat voor reden dan ook gemaakt?}…
{Op de vraag waarom zo kort na elkaar 2 aktes werden opgesteld die quasi hetzelfde behelsen, moeten we het antwoord schuldig blijven.}… Feit blijft, tot nader order, dat Opbrakel beschikt over twee eind 11de-eeuwse aktes en daarmee veel rijker is dan de meeste ander Vlaamse plattelandsgemeentes.}

Citaten pag. 41 en pag. 42.

fragment 5

Opbrakel in 1650-1660 momentopname van een Vlaams dorp in het Ancien Regime.
Door Sylvain De Lange.

Kaartboek Pieter Hoelman de Opbrakelse kerk{Tussen 1651 en 1654 heeft Pieter Hoelman “gheswooren landt meeter ende caerttrecker” heel Opbrakel opgemeten en met ambachtelijke nauwkeurigheid in kaart gebracht als een panoramische foto. Gebouwen, wegen, waterlopen, bossen, bomerijen, percelen, staan erop, maar ook toponiemen, oppervlakten, persoonsnamen: Opbrakel ten voeten uit, “seer nuyt ende bequaem voor dheeren ende de ghemeendtenaeren van deser prochie”.}…
Steunend op dit uiterst gedetailleerde kaartboek maken we een wandeling door Opbrakel, zoals het er rond 1650 uitzag; we vertrekken aan de kerk.}…
{Te oordelen naar het uitzicht van de gebouwen telde Opbrakel naast de kasteelhoeve het Hof-ten-Bossche nog 14 min of meer grote boerderijen, waaronder 3 bekende pachthoeven.}…
{Besluit: Het midden van de 17de eeuw was een tijd vaan laagconjunctuur en crisis. In Opbrakel leefde toen een overwegend arme gemeenschap van ongeveer 140 huisgezinnen.}…
{Het cijfer in de eerste kolom verwijst naar het nummer op de kaart en meteen naar de ligging van de woning in Opbrakel. Dan volgen de naam van de bewoner in 1651-1654,…Ten slotte staat de eerste “ja” of “een” als antwoord op de vraag of het perceel nog bewoond was in het midden van de vorige eeuw, terwijl de laatste “ja” of “neen” op de actuele toestand slaat;}

Citaten pag. 48, pag. 49 en pag. 57

fragment 6

In de 18de eeuw.
Door Geert Dedier.

{De pastoor in functie op het moment dat Pieter Hoelman aan zijn kaartboek werkte, was de merkwaardige en controversiële Anthonius de La Fontaine. In 1653 werd hij de opvolger van zijn oom Adrianus Fontaine. Hij zou gedurende 57 jaar pastoor van de parochie blijven, tot in 1710. Heel zijn leven lang voerde hij processen tegen ongeveer iedereen: tegen de heren van Opbrakel; tegen zijn opdrachtgever, de abt van Ename; tegen de Opbrakelse schepenen; tegen tal van inwoners.}…
{Ook onze streek werd niet gespaard. In de campagne van 1667-1668 werd Oudenaarde door de Franse koning veroverd. Al die oorlogen brachten uiteraard veel verwoestingen met zich mee. Bovendien werd de belastingsdruk sterk verhoogd om de kosten van de oorlogen en het onderhoud van de legers te kunnen betalen. Daardoor verslechterde de materiële en financiële toestand van vele Opbrakelaars fel.}

Citaten pag. 66 en pag. 67.

fragment 7

Uit het heerlijke verleden van Opbrakel, de heerlijkheid Wolfskerke.
Door Sylvain De Lange.

{Naar jaarlijkse gewoonte ging ook Jonker François Maroucx, woonachtig te Brugge, maar o.a. Heer van Opbrakel, in het najaar op jacht op zijn domeinen. Op 3 november 1768 werd in Opbrakel een jachtpartij georganiseerd; helpers, die het wild moesten opjagen en de geschoten buit dragen, waren Pieter Paul Bielan, griffier, Lieven Maes, prater of veldwachter alsook Augustijn Marroijen en Anthonis Dernicourt, inwoners van Opbrakel en pachters van Maroucx. Die derde november werd o.a. de noordwestelijke uithoek van Opbrakel, met zijn bolle akkers, zompige weiden en beboste kanten, afgelopen op zoek naar patrijzen, hazen, konijntjes, fazanten. Of deze jachtpartij veel wild heeft opgeleverd weten we niet, een minder prettig resultaat was echter een proces dat Jonker Maroucx aangesmeerd kreeg. Vier dagen later diende de Eerwaarde Heer Prelaat van de roemrijke abdij van Ename tegen de Heer van Opbrakel en zijn helpers op de jacht een officiële klacht in bij de Raad van Vlaanderen, zetelend in het Gravenkasteel te Gent. Vanwaar die aanklacht? De abt was ervan overtuigd, “dat hij in sijne qualiteijt van heere der heerelijchede van Wofskercke gheinclaveert binnen de Prochie van opbraeckele in paisibele posessie was op de selve heerelijchede te jaeghen ende doen jaeghen ter exclusie van alle andere”.}…
Hof te Wolfskerke-de heerlijkheid{Welke rechten bezat de Abt van Ename als Heer van Wolfskerke? De denombrementen zijn expliciet: “Binnen de prochie van Upbracle zo heeft myn voors. Heere de prelaet ende hem behoort toa alle iustitie ende iurisdictie ter plaetsen ghenaempt Wolfkercke ende alle executien berecht ende kennesse van zaken tsy criminel ofte civile up den zelven heerscepe ter Wolfkercken vallende cleven anne ende meoten berecht zyn byden Bailluy oft Meyere ende scepene van Eyname te wetene den bailluij…}…
{Besluit: De Sint-Salvatorsabdij van Ename, die in 1096-1098 het pratronaat over de Opbrakelse Sint-Martinusparochie had gekregen, heeft in de 12de eeuw de heerlijkheid Wolfskerke verworven en in de 13de eeuw tot een afgesloten geheel afgerond. In deze heerlijkheid van ongeveer 62 ha, die van geen enkel hoger leenhof afhing, heeft de abt van Ename tot op het einde van het Ancien Régime en de opheffing van de abdij in 1796 alle feodale rechten uitgeoefend.}

Citaten pag. 69, pag. 75 en pag. 89.

fragment 8

De grote pachthoven van Opbrakel. Het Hof te Wolfskerke. Door Sylvain De Lange.

postkaart wolfskerke{De familie “van Brakel”: Over de oudste geschiedenis van het Hof te Wolfskerke, over zijn structuur, ontginningen, bodemgebruik e.d. zijn we, bij gebrek aan bronnen, niet ingelicht. Het ons bekende verhaal vangt aan helemaal in het begin van de 15de eeuw. In 1406 pacht Roegeer van Brakel het Hof te Wolfskerke, met een oppervlakte van 32 bunder of 39 ha, 34 are, en hield daarnaast nog eens 13 ha, 46 are in helftwinning voor een termijn van 9 jaar.}…
{De familie “(van) Pevenage”: In 1456 werd voor het Hof te Wolfskerke, een nieuwe pachter aangesteld. Robbrecht van Pevenage nam niet alleen “tgoed te Wolfskerke” met een oppervlakte van 36 ha, 54 are en de helftwinningsgronden, 13 ha, 77 are groot, van Pieter van Brakel over, hij kreeg ook de helft van het grote tiend van heel Opbrakel in pacht.}…

{De laatste eeuw op het oude hof: In 1554 volgde Arent de Bleeckere, zoon van Pieter, de weduwe Jan Pevenage op als pachter van het Hof te Wolfskerke; de pacht werd tijdelijk verlaagd tot 216 pond.}…

wapenschild{In nieuwe gebouwen: De ontwikkeling in 1741 van het geschil tussen abt François Cassina de Boulers en Sieur Livinus de Carlier betekende het einde van een lange periode, waarin telkens opnieuw allerlei problemen de goede verstandhouding tussen de abt en zijn pachter te Wolfskerke hadden verstoord.}…
{Ook in Opbrakel heeft de Franse Revolutie diepe sporen nagelaten. Al de grond van de twee grootste heerlijkheden kwam in andere handen, de nieuwe grootgrondbezitter waren gefortuneerde burgers uit Gent. Josse Maes, die betaalmeester was geweest van de Franse troepen, kocht de hele voormalige heerlijkheid Opbrakel op met oppervlakte van ruim 140 ha en Thadée van Sasseghem, rentenier, werd eigenaar van Ten Bosse en het Brakelbos, in totaal ongeveer 120 ha groot.}

Citaten pag. 95, pag. 99, pag. 103, pag. 125, pag. 134.

fragment 9

Toponymie van Opbrakel.
Door Luc Van Durme.

{Brakelbos: 1195 et siluam illan de bracla que silua de louire contermina est (Piot, 82); 1571 eenen bosch ghen(aemt) den brakelbosch groot 33 buender een dach(wan)t; 1651/54 de, brackele bosch, braeckel bosch, brakel bosch, 1605 bij den bosch te bracle (CMT Brou); 1641 obbraeckelbosch (De Lnage 1975a, 203); 1670 braeclel bosch; 1834/35 Braekelbosch; 1843/44 Brakelbosch}….
{Hole Broek: 1500 anden holenbrouc (En., 1432bis); 1571, 1577 upden holenbrouck, hoelen brouck; 1670 hoelenbrouck; 1843/44 Olenbroek; 20ste eeuw Holenbroek. Mnl. holen ‘uitgehold; laaggelegen, moerassig.}

Citaten pag. 147, pag. 155.

fragment 10

De aardrijkskunde van Opbrakel.
Door N. Van der Putten en C. Verbruggen.

{Op het grondgebied van de gemeente Opbrakel komen zes beken voor; de Roosmeersbeek, de Vaanbuikbeek, de Sassegembeek, de Molenbeek, de Dorenbosbeek en de Verrebeek. Deze stromen samen in en rond Nederbrakel om zo de eigenlijke Zwalmbeek te vormen.}…

hellingsfiguur
{A. Valleien, 1. Het bovendeel: De Sassegembeek, de Dorenbosbeek hebben hun bronnen in een bos. In het geval van de Verrebeek en de Dorenbosbeek is dit het (La) Louvière-bos, de Sassegembeek heeft haar bovengedeelte in het Brakelbos. In alle drie gevallen zijn de valleiwanden steil en hebben de valleien een scherp ingesneden V-vorm.}…
{De intense verweving van natuur en mens heeft in Opbrakel het typisch kleinschali landschap van de Vlaamse Ardennen doen ontstaan: kleine bochtige straatjes, vrij ordeloos bebouwd met alle soorten huizen, plotseling overgaand in een wijds open landschap of steil afdalend in een vallei met wat bomen of struiken en nog verspreide knotwilgen langs de weidekanten.}
Citaten pag.181, pag. 186, pag. 191.

fragment 11

Opbrakel vanaf 1830: politiek, sociaal, demografisch, economisch.
Door Eric Van Cauwenberge.

kvlv 50 jaar{Er was geen pastorij meer. De vorige pastorij werd gebouwd door pastoor De Landtsheer in 1793. Later werd die pastorij een pachthof. De priesters woonden in een huis van de heer Maes. Wegens een ruzie met pastoor Blondeel (oorzaak: een preek) werden de priesters eruit gezet. De bisschop verbood nog erediensten te houden in de kerk van Opbrakel totdat er een pastorij zou zijn.}…
{Eind 1861 telt Opbrakel 1710 zielen, waarvan 827 mannen en 883 vrouwen. Dat jaar telde men 38 geboorten en 34 overlijdens. Veldwachter is dan Charles Louis Roos. In de loop van dat jaar werd het kasseien van de weg Opbrakel-Vloesberg voltooid.}…
{Jozef Bal is dan pastoor (1912). Hij is merkwaardig wegens het opstellen van een soort Verklarend Vlaams Woordenboek.}…
{In de jaren 1934-35 telde Opbrakel 1779 inwoners. Lothaire Van den Bossche was er burgemeester sedert 1927. Bij zijn aanstelling op 18 april 1927 werd een “Plechtige Inhalingg” georganiseerd (door een feestcomissie mat Remi Roos, Francies Dernicourt, Jan-Baptist De Cubber en Francies Vanderbruggen) met welkomstbogen per wijk en waaraan 13 groepen deelnamen.}…

E Backaert laatste burgemeester van Opbrakel{In 1964 zag de gemeenteraad eruit als volgt: Edmond Backaert, Roger De Wolf, Robert Marroyen, Marien De Cubber, Hypolliet Roos, Alfons Vanmaeldergem, August Gijselinck, Lucien Depessemier, Victor Vandewalle.}

 

 

 

 

 

Citaten pag. 205, pag. 207, pag. 210, pag. 212, pag. 220

 

fragment 12

Brief van een Opbrakelse vrouw naar haar man in Frankrijk.

brief{Zij gaan ons schooterhuis ook legen. De tiegels zijn hier al…}…
{en de kopementen van kullens en Alvons zijn vader da zij ook nog in goede gezondhijt zij en dat har huis gedekt is en dat hij ook moet naar huis komen haterhoust}

 

 

 

 

Citaten pag. 221 en pag. 222.

fragment 13

Eerste Wereldoorlog en De tweede wereldoorlog in Opbrakel.
Door Marc Velghe.

overledenen WOI{Nog meer Duitsers over de vloer!: Op 9 september 1914 trok het IXe Duits Reservekorps, generaal von Böhm, langs de steenweg naar Ronse. Ruiterij met lange lansen, infanterie, genie, artillerie-voertuigen met alles en nog wat geladen, het duurde de ganse dag.}…
{Voedingsmiddelen werden alsmaar schaarser en de smokkelhandel kwam stilaan op dreef. Doordat de prijzen in het Gouvernementsgebied hoger waren dan in het Etappengebied, probeerde men in Opbrakel en aanpalende gemeenten de geldbeugel wat aan te dikken. Het bosrijke grensgedeelte met het Livierenbos en Brakelbos vormde een ideale doorsteek zodat de smokkelroutes meestal over Opbrakels grondgebied liepen.}…

{En men bleef maar opeisen. Zo kwamen op zekere dag de trekhonden aan de beurt. Er liepen in Opbrakel een dertigtal van die viervoeters rond, doch slechts twee werden aangegeven.}…
{Een Duits onderofficier had de leiding en Gefreiter Krüger had de werkleiding. Hij nam zijn intrek in het huis van Alfons Vanden Bossche nabij de kerk. Voor het transport van de bomen werd een smalspoor aangelegd vanuit de zagerij Deprez te Nederbrakel.}…
{Opbrakel had tijdens de oorlog 105 man onder de wapens: (a) 10 van de klas 1913, (b) 43 opgeroepenen bij algemene mobilisatie, (c) 1 vrijwilliger bij het uitbreken van de oorlog, (d) 9 van de klas 1914 op 21 september opgeroepen, (e) 2 zich aangegeven in november/december 1914 in Frankrijk als oorlogsvrijwilliger…}…
{Voor de St.-Martenskermis van 16 november 1919 werd elektriciteit aangebracht in de gemeente. Op kermismaandag werd een dienst gehouden voor de oorlogsslachtoffers en plantte men “de Vredesboom”.}…
{Op 20 mei 1944 werd Opbrakel overspoeld door Duitse troepenbewegingen, alle richting Ronse. Heel wat Duitsers bleven ook overnachten en het leek wel een jamboree van scouts.}…
{Duitsers willen arbeid, orde en rust: Vanaf 1 juni kon men in Opbrakel weer de krant lezen. Iedere namiddag bedeelde Theofiel Braeckman uit Nederbrakel “Het Algemeen Nieuws” per fiets aan zijn abonnees.}…
{Begin februari 1941 dwarrelden de eerste vlugschriften boven Opbrakel neer: “Le Courrier de l’Air distribué par vos amis de la R.A.F..”}…
{Het einde in zicht: In juni en juli van 1943 hingen regelmatig pamfletten aan de Brakelse muren. Remi D’Haeyer werd door de rijkswachtcommandant als dader aangewezen en dook daardoor onder.}…
{Op Pinksteren had in de fruitopslagplaats van Remi De Cock aan de Ronsesestraat “Het Bal der Bevrijding” plaats. Stilaan werd men het gezuip en feesten beu en viel alles in zijn oude plooi.}

Citaten pag. 224, pag. 227, pag. 231, pag. 233, pag. 236, pag. 243, pag. 249, pag. 252, pag. 255, pag. 257, pag. 262.

fragment 14

Brief van een soldaat aan de vooravond van de eerste wereldoorlog aan zijn moeder.

Soldaat De Cubber{Gent den 30-7-1914. Beminde moeder en broeder. Ik neem mijn potlood in de hand om u eenige woorden schrijven als dat ik den zondag niet gaat kunnen komen ter oorzag dat wij hier moeten blijven indien er iets voorvalt wij moeten naar de grenzen.}…
Soldaat Richard De Cubber.

Citaat pag. 245

 

 

 

 

 

fragment 15

Luisterrijke toneelfeesten in Opbrakel.
Door Marcel D’Haeze.

toneelaffiche{In Opbrakel wilde men tonen ook bij machte te zijn toneel te spelen. Angel en Gilbert D’Haeze, die ook lid waren van de Nederbrakelse groep, namen het initiatief.}…
{Allerhande gekende stukken kwamen aan de beurt. Zo bijvoorbeeld “Les fourbertes de Scapin” va Molière, onder de Vlaamse titel “Joost de Guit”. Operetten hadden ook een beurt, zoals “Smidje Smee”, lustig zangspel in drie bedrijven.}

Citaat pag. 263.

 

 

 

 

 

fragment 16

Bonden en Verenigingen.
Door Eric Van Cauwenberge.

{De Boerengilde, de latere Landelijke Gilde. Deze vereniging werd opgericht op 18 januari 1920.}…
{Fanfare Vrije Kunstkring. In 1979 werd dirigent Albert D’haeyer gehuldigd (50 jaar muzikant en 25 jaar dirigent) door de staatssecretaris van de Nederlandse Gemeenschap, Rika Steyaert.}…
{De Jongenschiro. Op 20/9/64 werd de jongenschiro gesticht door E. H. Willy De Leebeeck onder de naam Sint-Martinus. De eerste leiding bestond uit: E.H. Willy De Leebeeck (proost), André Vandewalle (groepsleider) en als leiders: Norbert Donie, Thadeus Sowa en Eric Van Cauwenberge.}…
{De K.B.G. De Bond van de Gepensioneerden werd gesticht in mei 1971.}…
{De Boerinnengilde, later de K.V.L.V. De volgende jaren ging het Katholiek Vormingswerk Landelijke Vrouwen (de nieuwe naam sedert 1971) een waar succes tegemoet met als hoogtepunt 170 leden.}…
{De meisjeschiro. De meisjeschiro is blijkbaar ontstaan in 1954 en dan voor het eerst aangesloten bij de chiro, het verbond der Vlaamse patronaten. De leiding bestond uit Simonne Roos, Jeanine Goddijn en E.H. Verschelden als proost.}…
{Voetbalclub s.K. Opbrakel. Deze voetbalclub is sedert september 1974 aangesloten bij de Belgische Voetbalbond onder stamnummer 8208 en speelde in 4de provinciale. Er is een voorloper aan deze club, namelijk V.V. Opbrakel}…
{Sport & Groen: een kort doch geanimeerd bestaan. De Pullemfeesten in de maand juli bezorgden de vereniging wellicht de grootste bekendheid. De feesten, begonnen als een bescheiden openluchtgebeuren van 1 dag, evolueerden tot een enorme organisatie met een uitgebreid programma met voor elk wat wils.}…
{V.V. Opbrakel of Voetbalclub Vlug en Vrij. Deze voetbalclub was tweemaal aangesloten bij de Belgische Voetbalbond. Een eerste maal tijdens de oorlog, van 30/2/42 tot 24/7/46, onder het stamnummer 3693 en kort na de oorlog, van 31/8/1949 tot 7/2/1951, onder het stamnummer 5205. De scheldnaam was “Vuile Varkens Opbrakel” gezien de sompige staat van sommige delen van het terrein.}…
{Wielerclub De Zwalmridders. De betrachting van de club bleef nochtans ooit een nationaal kampioenschap te mogen organiseren. Deze wens werd werkelijkheid, want in 1993 werd het Belgisch kampioenschap op de weg voor juniores gereden te Opbrakel.}

Citaten pag. 269, pag. 271, pag. 273, pag. 275, pag. 279, pag. 282, pag. 286, pag. 293, pag. 295, pag. 302,

fragment 17

De Kerk van Opbrakel.
Herwerking van tekst van L. De Moor door Eric Van Cauwenberge.

{Hoe Opbrakel aan de kerk (d.i. aan de kathedraal) te Kamerijk (Cambrai) is gekomen, zal wel altijd een vraagteken blijven.}…
{Door een ongewone samenloop van omstandigheden echter verrees in de vroege 18de eeuw een bijna gans nieuw kerkgebouw, dat met zeer weinig veranderingen tot ons is gekomen en dat terecht de trots uitmaakt van de parochianen.}…

kerkje Opbrakel{Wie de grote weg van Nederbrakel naar Ronse oprijdt, kan niet nalaten getroffen te zijn door de buitengewoon schilderachtige ligging van het kerkje van Opbrakel.}…
{In de grote koorboog lezen we in drie cartouchen: ANNO DOMINI 1754}…
{In het koor en in de sacristie staan vier zilveren praalflambeeuwen in neobarokke stijl. Ze dragen een opschrift dat toelaat ze in 1885 te dateren.}

Citaten pag. 310, pag. 312, pag. 315, pag. 322, pag. 328.

 

fragment 18

De congregatie van de Zusters van Sint-Franciscus van Assissi te Opbrakel.
Door Eric Van Cauwenberge.

EH Blondeel stichter{De congregatie van de Zusters van de H. Franciscus van Assissi te Opbrakel werd gesticht in 1819 door E.H. Blondeel, toenmalig pastoor van de parochie, en door Eerwaarde Moeder Maria van Bochaute van Geraardsbergen.}…
{In het begin van het jaar 1822 hebben de zusters in hun huis de zondagsschool ingericht voor jongens en meisjes en in augustus had reeds de eerste prijsdeling plaats in de kerk. “Wij gaeven de kleeren en Mr. Zaman de boeken” schrijft zuster van Bochaute.}…
{In 1928 vertrokken voor het eerst vier zusters van Opbrakel naar het toenmalige Congo, om als missionarissen te werken in Tshunmbe, een missiepost,…}

 

 

zusters{In de zitting van 29 maart 1873 beslist de Opbrakelse gemeenteraad: “de school van dame Pauline Landrieu, wordt als aangenomen school aanvaardt voor het onderwijs der behoeftige en betalende meisjes der gemeente, onder dezelfde voorwaarden, aan de Gemeente scholen, voor zulkdanigen toegekent. Deze beslissing vervangt en vernietigt een beslissing van 20 augustus 1872.”}…
{Als deze grondige vernieuwingen en aanpassingen vanaf 1972 zijn gerealiseerd op initiatief van en onder kundige leiding van E.H. V. De Meyer zaliger, toenmalig algemeen directeur van de congregatie… Vanaf 1986 gebeurde dan een grondige heroriëntatie, een sluiting van de kliniek (31/12/1987), met verbouwing en uitbreiding tot het huidige “Rust- en Verzorgingstehuis Sint-Franciscus”.}

Citaten pag. 331, pag. 333, pag. 338, pag. 341, pag. 343.

colofon

Redactie:

Jon Goubin (°1955, Licentiaat Communicatiewetenschappen, Stafmedewerker Vlaams Centrum voor Volksontwikkeling. Coördinator werkgroep boek en eindredactie).
Eric Van Cauwenberge (°1947, Licentiaat Geaggregeerde Economische Wetenschappen, -Gepensioneerd- Docent Marketing, Reclame, Eventmanagement. Hobby: meer dan vijftig jaar actief in het verenigingsleven van (Op)Brakel, Voorzitter VVV-Brakel. Eindredactie). Publicist.
Frank Dendauw (°1969, Industrieel Ingenieur, Milieu- en Kwaliteitsverantwoordelijke, verantwoordelijke documentatiecentrum Heemkring Triverius. Opsporen en archiveren foto’s.)
Sylvain De Lange (†),  (°1933, Licentiaat Letteren en Wijsbegeerte met verhandeling over de taalgrens tussen Ronse, Geraardsbergen, Lessen. Gepensioneerde lesgever in Wallonië. Auteur van talrijke historische bijdragen over Opbrakel en buurtgemeenten. Verschillende toeristische publicaties over Brakel en de Vlaamse Ardennen. Werkt thans aan een reeks grensoverschrijdende wandelingen en fietsroutes. Voorzitter GVVV Vlaamse Ardennen en Vrienden van de Zwalm. Erevoorzitter VVV Brakel. Erelid Geschiedkundige Kringen van Ronse en Land Van Aalst; heemkundige kringen Zwalm en Maarkedal. Afgevaardigde van het Triveriusgenootschap bij het Oostvlaams Verbond van Kringen voor Heemkunde.)
Marcel D’Haeze (†),  (°1915, Licentiaat Handels, Financiële en Economische Wetenschappen. Hobby muziek en tennis. Ere vice-gouverneur Nationale Bank van België.)
Lieven De Moor. (°1960, Licentiaat Rechten. Advocaat. Publicatie over de geschiedenis en de oorsprong van de kerk van Opbrakel).
Geert Dedier (°1967. Licentiaat Oude Geschiedenis. Hobby: boeken lezen).
Lucie Verachten (°1969, Licentiaat Geschiedenis. Medewerker Algemeen Rijksarchief. Hobby: spelend lid Harmonie De Eendracht Brakel).
Kurt Braeckman (°1965, Archeoloog. Provinciaal Archeologisch Museum Zuidoost Vlaanderen, site Velzeke. Hobby: wandelen. Publicatie: Terug naar de Bron).
Luc Van Durme (°1947. Doctor in de Germaanse Filologie. Leraar Middelbaar Onderwijs. Lid van de Koninklijke Vlaamse Academie voor Taal en Letteren. Hobby: toponymie en lokale geschiedenis. Publicatie: Romaanse plaatsnamen in Vlaanderen).
Marc Velghe  (†), (°1950. Licentiaat Geaggregeerde Chemie. Leraar. Hobby: archeologie).
N. Van der Putten. (Licentiaat Geografie. Medewerker Laboratorium Paleoecologie en Landschapsgenese, Vakgroep Geografie, Universiteit Gent).
Cyriel Verbruggen (Docent. Laboratorium Laboratorium Paleoecologie en Landschapsgenese, Vakgroep Geografie, Universiteit Gent).
André Van Damme (°1941. Bediende. Publicaties: 3 novellen, 1 cursief en 8 dichtbundels, uitgegeven o.a. door Davidsfonds).

EERSTE DRUK December 1998

Drukkerij: Two by Two, Lebbeke.
Layout: Frank Haerick, docent Arteveldehogeschool, Departement Grafische Bedrijven

D/1998/8509/1

 

bestellen

Indien u het Gedenkboek wil bestellen gelieve dan het  formulier op de homepage in te vullen en te versturen.